Publicatiedatum

09-09-2021

Er werd voor de correctionele rechtbank te Mechelen een rechtstreekse dagvaarding uitgebracht wegens laster (artikel 443 e.v. van het strafwetboek), namelijk :

A.        Op 23 of 24 mei 2021, door W.E. in een interview voor de Nederlandse krant het Financieel Dagblad een extreem rechtse mens en/of een virusontkenner te noemen

B.        Op 12 juni 2021, door W. E. een “oplichter” te noemen in een publiek bericht op twitter

Er werd op burgerlijk gebied een provisionele schadevergoeding van 1.000 euro gevorderd

Bij de behandeling op 11 augustus 2021 werd door het Openbaar Ministerie opgeworpen dat de correctionele rechtbank niet bevoegd was omdat het ging over drukpersmisdrijven.

De rechtbank heeft beslist dat de in de rechtstreekse dagvaarding aangehaalde feiten inderdaad drukpersmisdrijven betreffen, zodat de correctionele rechtbank niet bevoegd is om kennis te nemen van de strafvordering noch van de burgerlijke vordering. Op grond van artikel 150 van de Gecoördineerde Grondwet behoren drukpersmisdrijven tot de bevoegdheid van het hof van assisen.