Verzoening

Wat is een Verzoening

Alvorens partijen beslissen een procedure te starten, kunnen zij steeds eerst een verzoeningsprocedure vragen.

Bij een verzoening leggen de partijen hun geschillen bij zonder dat een proces wordt gevoerd of een lopend proces wordt stopgezet.

In sommige gevallen is de oproeping in verzoening bij wet verplicht gesteld, voordat er een echte procedure ten gronde wordt opgestart bijvoorbeeld bij pachtzaken, en recht van uitweg.

Hoe verloopt een Verzoening

Soorten verzoening

In een aantal gevallen is de voorafgaande verzoeningspoging verplicht.

Dit is onder meer het geval bij arbeidsgeschillen, familiale betwistingen en geschillen in verband met pacht.

In andere gevallen kan de eiser op vrijwillige basis een verzoeningsprocedure instellen.

Hoe vraagt u een verzoening aan ?

Stuur een brief naar de vrederechter of de rechter die bevoegd is voor het geschil. 

Dit hoeft niet noodzakelijk aangetekend te zijn.

U vermeldt daarin:

  • uw naam, voornaam en adres;
  • de identiteit (naam en voornaam) en het adres van de tegenpartij(en) die u wil laten roepen;
  • een korte uiteenzetting van de feiten;
  • wat u wil bereiken (bijvoorbeeld dat de tegenpartij u een bepaald bedrag betaalt);
  • dat u vraagt dat de partijen opgeroepen worden om een verzoening te proberen te bereiken.

U mag niet namens andere personen een verzoening vragen.

U kunt ook naar de griffie van het vredegerecht of het bevoegde rechtscollege gaan en er mondeling een verzoeningszitting vragen.

Oproeping

Vervolgens krijgen de partijen (de tegenpartij(en) en uzelf) een brief van het vredegerecht of het bevoegde gerecht. Daarin staat wanneer u en de tegenpartij(en) moeten verschijnen en waar u moet zijn.

Dit zal meestal niet de openbare zittingszaal zijn, maar de raadkamer of het kantoor van de rechter.

U hoeft niet zelf naar het gerecht te gaan als dit te moeilijk is. U kunt ook uw advocaat vragen te verschijnen.

U kunt zich daarnaast ook laten vertegenwoordigen door uw echtgeno(o)t(e) of door een familielid (bloed- of aanverwant). U moet deze persoon dan wel een volmacht meegeven. Vertegenwoordiging is alleen mogelijk bij het vredegerecht, de rechtbank van koophandel en de arbeidsrechtbank.

Een volmacht is een gehandtekend document (dat op gewoon papier kan worden geschreven) en vermeldt dat persoon X (u dus) aan persoon Y (uw echtgeno(o)t(e) of een familielid) volmacht geeft om namens hem/haar op de verzoeningszitting voor het gerecht te verschijnen en hij/zij er namens u een dading mag afsluiten.

Een dading is een definitief akkoord dat een betwisting beëindigt omdat partijen (meestal wederzijdse) toegevingen doen.

Akkoord of geen akkoord ?

Tegenpartij verschijnt niet.

Voor een verzoening moeten beide partijen aanwezig zijn.

Als niemand voor de tegenpartij opdaagt, kan er niets gebeuren. Om u te verzoenen moet u immers met twee partijen zijn. De rechter kan dus geen uitspraak doen.

In dat geval kan u een procedure starten om de veroordeling van de tegenpartij te bereiken.

Tegenpartij verschijnt en er is een akkoord mogelijk.

Als de tegenpartij (of diens advocaat) verschijnt, legt u en daarna de tegenpartij zijn standpunt uit. Er wordt gekeken of een vergelijk mogelijk is

Soms kan een verzoening bereikt worden, als u de toestemming aan de tegenpartij geeft om het verschuldigd bedrag in delen af te lossen.

Wordt een verzoening bereikt, dan wordt dit opgetekend in een proces-verbaal van verzoening dat alle partijen, de rechter en de griffier ondertekenen.

Tegenpartij verschijnt doch er is geen akkoord mogelijk.

Is geen verzoening mogelijk, dan wordt dit in een proces-verbaal vastgesteld en kan u een procedure starten om de veroordeling van de tegenpartij te bereiken.

Naleving van proces-verbaal in geval van akkoord

Dit proces-verbaal heeft dezelfde waarde als een vonnis.

Leeft de tegenpartij dit niet na, dan kunt u aan een gerechtsdeurwaarder vragen om de tegenpartij daartoe te dwingen.

U of de gerechtsdeurwaarder zullen daarvoor eerst de grosse (een officieel getekend afschrift) moeten bestellen op de griffie.

De gerechtsdeurwaarder zal dit proces-verbaal dan betekenen (officieel aan de tegenpartij meedelen).

Eventueel moet de gerechtsdeurwaarder daarna beslag leggen bij de tegenpartij als deze het niet vrijwillig naleeft en bijvoorbeeld niet betaalt.