Bijzondere bevoegdheid

Inleiding

Zo is de vrederechter bevoegd voor een hele reeks conflicten, ongeacht het bedrag van de vordering.

De bijzondere bevoegdheid van de vrederechter is zeer uitgebreid. In een hele reeks van conflicten is de vrederechter bevoegd ongeacht het bedrag van de vordering. Hierna volgt een overzicht van de meeste voorkomende bijzondere bevoegdheden:

  • geschillen betreffende verhuring van onroerende goederen en samenhangende vorderingen die ontstaan uit de verhuring van een handelszaak. De vrederechter is bevoegd voor alle geschillen inzake huur van onroerende goederen, d.i. gewone huur, woninghuur, handelshuur en landpacht en dit ongeacht het bedrag. Ook geschillen met betrekking tot een vergoeding voor bewoning van en tot uitzetting uit plaatsen zonder recht betrokken, behoren tot de bevoegdheid van de vrederechter;
  • geschillen inzake gebruik, genot, onderhoud, behoud of beheer van een gemeenschappelijk goed in geval van mede-eigendom. Ook geschillen inzake het appartementsrecht vallen hieronder;
  • geschillen met betrekking tot erfdienstbaarheden en verplichtingen die de wet oplegt aan eigenaars van aan elkaar grenzende erven;
  • geschillen betreffende rechten van overgang;
  • bezitsvorderingen;
  • geschillen in verband met ruilverkavelingen van landeigendommen;
  • geschillen wegens schade, door mensen of dieren veroorzaakt aan velden, vruchten of veldvruchten;
  • betwistingen inzake kredietovereenkomsten die onder toepassing vallen van de Wet op het Consumentenkrediet;
  • geschillen voor invordering van schulden voor nutsvoorzieningen ten overstaan van personen die geen onderneming zijn. Dit zijn de invorderingen van een geldsom die wordt gevorderd door een leverancier van elektriciteit, gas, warmte of water of door een persoon die een openbaar elektronisch communicatienetwerk, een omroeptransmissie- of omroepdienst aanbiedt;
  • geschillen als bedoeld in de wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en lijkbezorging;
  • verzoek tot de aanwijzing van een bewindvoerder voor een meerderjarige persoon die wegens de gezondheidstoestand niet meer bekwaam is om de organisatie van persoonlijke of zakelijke belangen waar te nemen;
  • verzoek tot bescherming van de persoon van de geesteszieke. Het betreft de gedwongen opname van een geesteszieke in een gesloten instelling, alsook de regeling van hun verblijf.